31-08-17

Donderdag 31 augustus 2017

Tempted

Squeeze

 

DE ANDERE ZANGER

Vandaag viert Glenn Tilbrook zijn zestigste verjaardag. Hij was de zanger, de gitarist en de songwriter van Squeeze. Die Britse band had zijn naam niet gestolen, het was er duwen en trekken voor een plaatsje. Inmiddels is de groep zo vaak gesplit en opnieuw opgericht dat we de tel kwijt zijn. Toen de pauzeknop weer eens was ingedrukt, maakte Glenn Tilbrook enkele platen met gitarist Chris Difford. Samen hebben die twee de grootste hits van Squeeze geschreven: Cool For Cats, Another Nail In My Heart, Pulling Mussels (From The Shell) en het meesterlijke Tempted.

JukeSqueeze.jpgTempted staat op het vierde album van Squeeze, East Side Story uit 1981, waarop ook het bekende Labelled With Love staat. Terwijl ik dit schrijf, draait de elpee. Ik hou ook van de openingstrack In Quintessence, het enige nummer met Dave Edmunds als producer, en meer nog van Is That Love, dat op de plaat en in de clip hieronder wordt gezongen door Glenn Tilbrook. Let op de tekstbalk. De BBC-uitzending ‘Top Of The Pops 2’ vond blijkbaar ook rond zijn verjaardag plaats. En er wordt verteld dat hij al op zijn vijfde popartiest wou worden, nadat zijn moeder hem had meegenomen naar de film ‘Summer Holiday’ met Cliff Richard. Daar heb ik ook herinneringen aan, maar dat vertel ik een andere keer.

Ik haal speciaal aan dat Tilbrook Is That Love zong omdat Tempted uit de keel van Paul Carrack kwam. Die man verdient een standbeeld voor zijn soulstem, maar hij speelt ook keyboards en gitaar. Dat deed hij ook als sessiemuzikant voor veel bekende artiesten, zowel live als in de studio. Hij toerde met onder meer Elton John, Eric Clapton, B.B. King en The Pretenders. En hij is te horen op Blue Nun van Carlene Carter, Riding With The King van John Hiatt en de titelloze plaat van Nick Lowe & His Cowboy Outfit. Ook speelt hij, zonder een echt lid te worden van de band, mee op drie platen van Roxy Music: Manifesto,Flesh + Blood en Avalon. Het begon allemaal met Ace, de groep waarvoor hij het bekende How Long schreef en zong. Met Mike Rutherford van Genesis vormde hij Mike & The Mechanics en met Roger Waters van Pink Floyd speelde hij in The Bleeding Heart. Al die tijd maakte hij ook soloplaten, maar een korte periode speelde hij dus bij Squeeze, waar hij Jools Holland verving en onder meer de ‘lead vocals’ van Tempted voor zijn rekening nam. Toch horen we in de tweede strofe twee andere zangers. De ene is Tilbrook, de andere Elvis Costello, de producer van de elpee. In de clip hier zingt Glenn Tilbrook ook de partij van Costello.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

 

30-08-17

Woensdag 30 augustus 2017

Wight Is Wight

Michel Delpech

 

DE LAATSTE DAG

Vandaag in 1970 was de laatste festivaldag van het illustere ‘Isle Of Wight Festival’. De bekende dvd van het concert van Leonard Cohen op Wight werd dat jaar gefilmd. Toen traden ook pakweg The Doors, Procol Harum, Joni Mitchell en Ten Years After op. Jimi Hendrix speelde er zowat zijn laatste concert. Achttien dagen later was hij dood.jukedelpech.jpg

Toen het festival in 1968 een eerste keer werd georganiseerd op het eiland voor de zuidkust van Engeland, ter hoogte van Southampton, trok het zo’n tienduizend toeschouwers. Jefferson Airplane (Somebody To Love) was de hoofdact. Dat was dus voor Woodstock nota bene. Een jaar later bleek de opkomst vertienvoudigd, maar toen stonden naast Bob Dylan en Donovan dan ook onder meer The Who, The Band en The Pretty Things op de affiche. Michel Delpech heeft er datzelfde jaar nog een liedje over gemaakt: Wight Is Wight. Dylan heette bij hem iets als ‘die-lanne’ en ‘viva donna-vanne’er nog aan toe. ‘Hippie, hip piepie.’ In 1970 werd het aantal aanwezigen zelfs op zo’n 600.000 geschat. Dat kan tellen. Toch zette men al na drie edities een punt achter het evenement. Tussen 2002 en 2011 werd het wel weer jaarlijks georganiseerd, zij het minder grootschalig.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

29-08-17

Dinsdag 29 augustus 2017

Bottle To The Baby

Charlie Feathers

 

NOG EEN KING

Op deze dag in 1998 overleed country- en vooral rockabilly-artiest Charlie Feathers. Sommige mensen hebben flessen met hun geboortejaar in hun wijnkelder liggen, ik heb veel muziek verzameld uit de tijd dat ik ter wereld kwam. En zo leerde ik Charlie Feathers kennen. Hij begon als sessiemuzikant bij Sun Studios en heeft altijd beweerd dat hij de arrangementen schreef voor That’s All Right en Blue Moon Of Kentucky van Elvis Presley. Zijn naam komt echter maar voor op één Elvisplaatje: I Forgot To Rerember To Forget. Dat was een bedankje omdat hij op verzoek van de songschrijver Stan Kesler een demo van dat nummer had gemaakt. Achteraf beschouwd, klonk hij inderdaad soms als de jonge Elvis. Maar zo waren er toen veel. Fans van de Presley uit de jaren vijftig zullen hem waarschijnlijk als een reserve-Elvis beschouwen, ik weet wel beter. De Nieuwe Snaar zong al terecht: ‘Er zijn duizend kings of rock-‘n-roll’.

JukeCharlie.jpgSommige mensen hebben modetijdschriften op hun salontafel liggen, bij mij zijn dat de platendozen die niet in mijn platenkast passen. Daar is The Sun Country Box bij, vier cd’s en een prachtig boek. Je komt er minder bekende, maar daarom zeker niet minder interessante namen tegen, zoals Warren Smith, Carl Mann, Billy Riley. Van Charlie Feathers werden liefst twaalf songs uit de fifties opgenomen in die verzameling. Dat zegt al veel.

Net als ik is Bob Dylan een Feathers-fan. Hij draaide de rockabillypionier dan ook twee keer in zijn ‘Theme Time Radio Hour’. Een keer met Defrost Your Heart, ook aanwezig op de cd’s van The Sun Country Box, en een keer met One Hand Loose, dat er vreemd genoeg niet in dat pakket zit, maar dat ik toch in huis heb en waarmee ik tijdens feestjes gemakkelijk sportieve zestigers op de dansvloer krijg. Van die song bestaat ook een afkooksel van Stray Cats, wat nog maar eens duidelijk maakt hoe Feathers’ stijl van invloed is geweest op latere rockabilly, tot Lux Interior en The Cramps toe.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

28-08-17

Maandag 28 augustus 2017

Have I The Right?

The Honeycombs

 

JukeHoney.jpgUIT DE LOSSE POLS

Het beatbandje heeft maar drie jaar bestaan en eigenlijk maar één hit gescoord, al was dat wel het wereldwijde succes Have I The Right? uit 1964. The Honeycombs hadden wel een opmerkelijke gimmick: een vrouw achter het drumstel. Ann Margot Lantree heet ze en ze wordt vandaag 74. Letterlijk betekent de groepsnaam ‘honingraten’, maar hij werd bedacht omdat Honey haar bijnaam was en zij in een kapperssalon werkte.

Honey Lantree was niet de allereerste vrouw die de trommelvellen liet trillen, maar wel een pionier in de pop en op televisie. Tijdens live optredens zat er wel iemand anders te roffelen en ook de opmerkelijke slagwerkpartij van Have I The Right? komt niet uit haar losse pols. Producer Joe Meek nam het nummer op in zijn huis en creëerde de speciale sound op experimentele wijze. Met fietsspelden bevestigde hij vijf microfoons aan de trapleuning en nam voetstampen op de treden op. De opname werd daarna versneld en aangedikt met een tamboerijn die rechtstreeks tegen een microfoon werd geklopt.

Have I The Right werd geschreven door Ken Howard en Alan Blaikley. Dat duo schreef later nog verschillende hits voor Dave Dee, Dozy, Beacky, Mick & Tich, waaronder Zabadak! en The Legend Of Xanadu. Ook From The Underworld van The Herd is van hen.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

27-08-17

Zondag 27 augustus 2017

Pride And Joy

Stevie Ray Vaughan

 

DE DOOD VAN EEN BLUESMAN

In herinnering aan het heengaan van een van mijn muzikale helden is dit altijd een heel trieste dag. Op deze dag in 1990 verongelukte Stevie Ray Vaughan. Van de blanke bluesgitarist verschenen bij leven vijf onvolprezen albums, maar hij speelt ook de gitaarsolo’s van First We Take Manhattan van Jennifer Warnes en – ja, hoor – Let’s Dance van David Bowie.

JukeStev.jpgHet was me nogal een affiche, die ongelukkige avond in Alpine Valley, Wisconsin. Stevie Ray Vaughan en zijn band Double Trouble, zijn broer Jimmy Vaughan, bekend van The Fabulous Thunderbirds, Buddy Guy, Eric Clapton en Robert Cray. Als laatste bisnummer jamden ze Sweet Home Chicago, waarna ze naar die stad werden gevlogen in helikopters. De weersomstandigheden waren penibel. Het toestel waarin Stevie Ray Vaughan zat, crashte nog geen minuut na het opstijgen tegen een bergflank waarop ’s winters wordt geskied. Soms hoor je vertellen dat Eric Clapton het ongeval zag gebeuren van uit zijn helikopter. Dat klopt niet. Hij zat met een bang hart condens van het raam te vegen. “Ik wou liever niet de lucht in”, heeft hij erover gezegd. “Maar één keer boven de lage bewolking, was de lucht helder en zagen we de sterrenhemel.” Toen ze bij aankomst in Chicago het droeve nieuws hoorden, moest Jimmy Vaughan terug voor de verschrikkelijk taak zijn broer te identificeren. Hij herkende hem aan zijn juwelen.  

Tijdens de begrafenis van Stevie Ray Vaughan zong Dr. John Amazing Grace en Ave Maria, composities die je normaal niet op zijn repertoire verwacht. Een geïnspireerde journalist van Blues Magazine stelde vast dat Eric Clapton, ZZ Top, Jackson Browne en Bonnie Raitt ‘a Texas flood’ huilden. Dat was een verwijzing naar het gelijknamige solodebuut van de betreurde gitarist. Uit dat album draaien we Pride And Joy, een eigen compositie die ook zijn eerste single werd.

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be