22-11-17

Woensdag 22 november 2017

Homburg

Procol Harum

 

HOEDJE AF

Het is vandaag vijftig jaar geleden dat Procol Harum de single Homburg uitbracht. In Groot-Brittannië haalde het plaatje de zesde plaats in de hitparade, in de VS kwam het niet hoger dan 34. Toch werd het in tal van landen een nummer 1, onder meer in Nederland. Volgens het archief van de Ultratop 50 piekte het in Vlaanderen op acht.

JukeProcol.jpgRecensenten vonden dat Homburg te veel leek op de eerste hit van Procol Harum, A Whiter Shade Of Pale. Zanger Gary Brooker, die de muziek had geschreven, bleek wel wat minder geleend te hebben van Bach, maar de vaste tekstschrijver Keith Reid had er weer onsamenhangend, surrealistisch en dromerig gewauwel van gemaakt. Brooker heeft in een interview gezegd dat alleen Reid wist waarover het ging, maar ik durf denken dat hij zelf zijn tekst niet snapte.

Het woord uit de titel komt één keer voor in de song: ‘You’d better take off your homburg ‘cause your overcoat is too long’. Waarom zou je je hoed moeten afnemen omdat je overjas te lang is? Inderdaad, een homburg is een vilten deukhoed met opstaande rand. Hij werd genoemd naar Bad Homburg vor der Höhe, een stad in de Duitse deelstaat Hessen, waar hij oorspronkelijk geproduceerd werd. Toen de Britse koning Edward VII daar op het einde van de negentiende eeuw eens op bezoek was, bracht hij zo’n hoed mee. En zo raakte dat hoofddeksel ingeburgerd in hogere kringen. Het was wat handiger dan zo’n stoofbuis. President Eisenhower verscheen ermee op zijn tweede aanstelling als president en in de jaren zestig liepen Konrad Adenauer en Willy Brandt met zo’n hoed op het hoofd. Soms wordt het hoofddeksel geassocieerd met de Italiaans-Amerikaanse maffia. Dat komt omdat Al Pacino een droeg in de film ‘The Godfather’. Maar ook rappers blijken er niet vies van. Onder meer Tupac en Snoop Dogg – of hoe die mens inmiddels ook mag heten – zijn met een homburg in het openbaar verschenen.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

21-11-17

Dinsdag 21 november 2017

Human Behavior

Björk

 

ZELFDE VERJAARDAG

Til hamingju með afmæli. Dat is gelukkige verjaardag in het IJslands. Ik heb het met veel moeite getikt omdat de zangeres Björk vandaag 52 wordt. In de hoop dat al die speciale lettertjes de weg naar jullie scherm vinden, geef ik even haar familienaam mee: Guðmundsdóttir. Ze studeerde klassieke piano aan het conservatorium van Reykjavik en nam op het einde van de jaren zeventig haar eerste plaat op. Op het album Björk stonden kinderliedjes en een IJslandse vertaling van Fool On The Hill van The Beatles. Het was dus helemaal niet haar debuut toen ze in 1993 het album Debut uitbracht. De openingstrack, haar eerste internationale hit Human Behavior, schreef ze samen met producer Nellee Hooper, die eerder met Massive Attack had gewerkt. Van de vier singles die verder uit die plaat werden geplukt, ken je waarschijnlijk ook nog Violenlty Happy.JukeBjork.jpg

Wij willen ze niet te eten geven, de groepjes waarin Björk heeft gespeeld tussen haar kinderliedjesplaat en haar internationale solocarrière. Dat ging van een jazztrio over een anarchistische punkband tot een vreemdsoortig kunstencollectief. Alleen haar alt-rockformatie The Sugarcubes werd hier halfweg de jaren ’80 bekend. Dat had vooral te maken met het feit dat de Britse radio-dj John Peel een culthit maakte van hun single Birthday. Zou ze het nog eens draaien nu ze jarig is?

The Sugarcubes werden opgericht op de dag dat Björk beviel van haar zoon Sindri. De vader van het kind is Þór Eldon, de gitarist van die band. Nog voor ze een tweede plaat maakten, was hij al gescheiden van de zangeres en hertrouwd met een andere muzikante van The Sugarcubes, de keyboardspeelster Magga Örnólfsdottir. Opmerkelijk is dat ook die geboren werd op 21 november. Maar ze is wel al sedert 1989 niet meer onder de levenden.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

20-11-17

Maandag 20 november 2017

The Theme From Shaft

Isaac Hayes

 

DE PRIVEDETECTIVE

Het zal wel geen klein feestje zijn geweest, vandaag in 1971 op het kantoor van het platenlabel Stax in Memphis. De door Isaac Hayes uitgebrachte soundtrack bij de film ‘Shaft’ haalde die dag de eerste plaats in de Amerikaanse hitparade voor albums. Geen twee weken later bereikte ook Theme From Shaft die positie in de lijst voor singles. Later volgden nog Oscars, Grammy’s en wat weet ik al meer. Soul, funk en film kwamen mooi samen.

jUKEsHAFT.jpgWeet je dat Isaac Hayes de prent eigenlijk niks vond? Het liefst van al had hij er zelf in geacteerd. “Hoewel het over het algemeen wel onderhoudend was”, las ik in het magazine Mojo, “vond ik het een B-film. I think ‘Shaft’ could have been a better movie.” Nu ik dit schrijf, realiseer ik mij dat ik die film eigenlijk nooit heb gezien. Maar de muziek, ja, die kon ik wel smaken.

Er ging een schok door de filmwereld. Hier ontstond wat later ‘blaxploitation movies’ werd genoemd. Dat leverde bijvoorbeeld ook voor ‘Superfly’ een indrukwekkende soundtrack op, zij het toen voor Curtis Mayfield. Maar het grootste gevolg was dat zwarten als acteurs en filmmakers gewaardeerd werden in Hollywood. Een jaar later was volgens Mojo ‘a quarter of America’s film output back-orientated’.

Theme From Shaft gaat ook de geschiedenis in omwille van de openingszin, al moet je wel bijna drie minuten op het eerste woord wachten. ‘Who’s the black private dick that’s a sex machine to all the chicks?’ Als je weet wat er kort daarvoor en zelfs lang daarna nog allemaal uit teksten werd geschrapt, klinkt dat behoorlijk aangebrand. Het is gewoon dubbelzinning, natuurlijk. Het hoofdpersonage in ‘Shaft’ was speurder John Shaft. En – hoewel een ‘dick’ ook anders kan vertaald worden – is ‘a private dick’ gewoon een privédetective. Maar... 'shaft' dan ook weer slang voor penis.  

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

 

19-11-17

Zondag 19 november

It’ll Be Me

Cliff Richard

 

ROCK-‘N-ROLL HOUDT JE JONG JukeCliff.jpg

Vandaag 55 jaar geleden stond It’ll Be Me van Cliff Richard bovenaan in Europese hitparades. Vijf jaar eerder was de originele versie in de States een hit geweest voor Jerry Lee Lewis. Het was de tijd dat Sir Cliff nog rockte met The Shadows. Zelf is hij er trouwens van overtuigd dat hij tot op de dag van vandaag nog altijd een rocker is. In 2013 bracht hij zijn honderdste album uit. Dat heet The Fabulous Rock ‘n’ Roll Songbook en staat vol historische hits van pakweg Chuck Berry, Little Richard en Elvis Presley. “Als jonge tiener spaarde ik mijn zakgeld om die plaatjes te kunnen kopen”, vertelde hij mij toen hij toen in Brussel optrad. “Vandaag zitten ze thuis nog in mijn jukebox. Ze zijn een onderdeel van mijn leven.” Omdat hij tijdens dat concert ook zijn eigen oldies bracht, kon ik niet nalaten op te merken dat het toch wel vreemd is om op zijn leeftijd “We’re the young ones” te zingen. “Neen, helemaal niet”, antwoordde de 77-jarige fors. “Want je moet weten dat ik nooit gestopt ben een ‘young one’ te zijn. Als ik Move It zing, voel ik me weer achttien jaar, de leeftijd waarop ik het nummer opnam voor mijn allereerste plaat. Ik weet het wel, er zijn veel mensen die lichamelijke problemen krijgen als ze ouder worden. Gelukkig blijf ik daarvan gespaard. Ik beweeg nog altijd vlot op het podium. In mijn band is iedereen half zo oud als ik, maar als het op dansen aankomt, ziet niemand het verschil. Dit is muziek die je jong houdt. Op rock-‘n-roll staat geen leeftijd.”

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

18-11-17

Zaterdag 18 november 2017

(Is Anybody Going To) San Antone

Doug Sahm

 

TOEN ONZE DOUG EEN DOUGJE WAS *

JukeDoug.jpgVandaag in 1999 overleed Doug Sahm. Dat hij een voorname plaats inneemt in mijn collectie blijkt als ik zijn verscheidenheid aan platen eens uit de kast trek en voor een foto uitstal op de vloer. De discografieën van hem zijn vaak onvolledig en dat is te begrijpen. Van zijn debuutsingle A Real American Joe in 1952 tot zijn postume cd The Return Of Wayne Douglas in 2000 en de verzamelaars die daar nog op volgden, heeft hij opvallend veel werk uitgebracht. Bovendien deed hij dat vaak onder andere namen, op uiteenlopende platenlabels, soms vanuit Canada en een tijdlang zelfs vanuit Scandinavië. En dan zwijg ik nog over de obscure compilaties die naargelang het land van herkomst soms een andere tracklist en verschillende hoezen hebben. Nadat ik hem in vervlogen tijden eens mocht interviewen voor de BRT bleven we contact onderhouden. Hij bezorgde mij vaak platen, soms zelfs persingproeven zonder tekst op de labels. Ik heb het raden naar de titels van de nummers op die platen.

Laat me de rest eens overlopen. Bij Texas Mavericks droeg hij een masker en liet hij zich op de hoes Samm Dogg noemen. Onder zijn eigen naam vormde hij, met onder meer Flaco Jimenez en Freddy Fender, de Tex-Mex-supergroepen Texas Tornados en Los Super Seven.

Als jonge tiener was ik al zot van de aanstekelijke deuntjes die hij halfweg de jaren zestig voortbracht met Sir Douglas Quintet, een groep die hij oprichtte met zijn jeugdvriend Augie Meyers. Ik denk aan Dynamite Woman en vooral She’s About A Mover, dat ik op het album Mendocino uit 1969 heb staan.

Op sommige elpees verschenen alleen de namen van Doug Sahm en Augie Meyers, wat bijvoorbeeld het geval is met The West Side Sound Rolls Again uit 1983. Van de andere kant waren er ook platen waarop voluit Doug Sahm and The Sir Douglas Quintet with Augie Meyers vermeld stond. Dat is het geval bij Quintessence uit 1982, een van de albums die uitkwamen op het Zweedse label Sonet. De B-kant van The Midnight Sun, waarop voormalig CCR-drummer Doug Clifford meespeelt, opent niet toevallig met Meet Me In Stockholm. Het werd een van de meest verkochte singles ooit in Scandinavië.  

Doug Sahm heeft ook solo-elpees gemaakt, zo heb ik het bluesy Hell Of A Spell in huis En dan is er nog Doug Sahm And Band uit 1973, inmiddels een cultplaat geworden omwille van de opmerkelijke bezetting met onder meer Dr. John en zelfs Bob Dylan. Met de openingstrack, (Is Anybody Going To) San Antone, trekken we naar zijn Texaanse geboorteplaats. Op zijn vijfde was hij er al op de radio te horen als Little Doug Sahm en op zijn elfde nam hij zijn eerste plaat op. Zijn interessantste werk uit de jaren vijftig werd in 1979 uitgebracht op de verzamelaar Way Back When He Was Just Doug Sahm.

 

* De titel van deze bijdrage is een verwijzing naar het kinderliedje 'Toen Onze Mop Een Mopje Was', dat ik vroeger op een single met een bijpassend boekje had. Naar wat ik verstond van het Nederlands koortje zong ik trouwens altijd 'Toen onze mops een mopsje was.'

 

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be