14-02-18

Woensdag 14 februari 2018

Party Doll

Buddy Knox

 

jukeknox.jpgACHTER DE HOOIMIJT

Op deze dag in 1999 overleed Buddy Knox, een pionier van de rock-‘n-roll, vooral bekend van Party Doll. In zijn studententijd vormde hij met vrienden het bandje Rhythm Orchids. Nadat ze in 1956 eens in een radioshow hadden opgetreden met Roy Orbison stelde die hen voor aan Norman Petty, een platenproducer die een studio had in Clovis, in New Mexico. Bij hem waren de eerste hits van Buddy Holly opgenomen, waaronder That’ll Be The Day.

Buddy Knox trommelde zijn zuster en twee van haar vriendinnen op om mee te zingen bij de opnames van Party Doll. Hij had het nummer in 1948 zelf geschreven achter een hooimijt op de boerderij van zijn ouders. Toen radiodiskjockeys van plaatselijke stations het plaatje begonnen te draaien, bleek het snel een succes. Het werd zelfs een Amerikaanse nummer 1. Dat heeft hij nooit kunnen evenaren, al had hij nog wel wat andere hitjes, zoals Rock Your Little Baby To Sleep, Hula Love en zijn versies van Lovey Dovey van The Clovers en Ling-Ting-Tong van The Five Keys.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

13-02-18

Dinsdag 13 februari 2018

Charlie Brown

The Coasters

 

DE ENE CHARLIE IS DE ANDERE NIET

De strookjes worden herdrukt en herdrukt, maar eigenlijk verscheen op deze dag in 2000 de laatste aflevering van de krantenstrip ‘Peanuts’. Tekenaar Charles M. Schulz was een dag eerder overleden.

jUKEcHARLIE.jpgNaslagwerken vermelden verschillende popsongs die naar de strip verwijzen. De meeste zeggen me niks. Of had u al eens gehoord van Linus And Lucy van The Vince Guaraldi Trio? Het werk van The Royal Guardsmen ken ik natuurlijk wel. Zij scoorden in 1966 een enorme hit met Snoopy vs .The Red Baron. Dat vrolijk verhaaltje was geïnspireerd door Snoopy, in de ‘Peanuts’-reeks de hond van het hoofdpersonage Charlie Brown. Snoopy beeldt zich graag in dat hij een luchtvaartpionier is en koestert in zulke dagdromen een diepgewortelde wrok tegen ‘The Red Baron’, een verwijzing naar Duitse gevechtspiloot Manfred von Richthofen die in de Eerste Wereldoorlog die bijnaam kreeg. The Royal Guardsmen had kennelijk maar één vaatje om uit te tappen, want ze brachten ook nog Return Of The Red Baron, Snoopy For President en zelfs de kerstsingle Snoopy’s Christmas uit.

Op de cd Boys For Pele van Tori Amos uit 1996 staat Not The Red Baron, een nummer dat het ook eerder over de strip dan over het historische personage heeft. Ik moet bij ‘Peanuts’ echter altijd denken aan Charlie Brown van The Coasters, een door Jerry Leiber en Mike Stoller geschreven doo-wophit uit 1959. Even een ‘wistjedatje’ tussendoor: de saxofoonpartij op de single wordt gespeeld door King Curtis.

De zin ‘Who calls the English teacher daddy-o?’ is een verwijzing naar de film ‘Blackboard Jungle’ uit 1955. Je weet wel, die prent van Rock Around The Clock van Bill Haley & His Comets. Daarin verbasteren opstandige scholieren de achternaam van het hoofdpersonage, leraar Richard Dadier tot ‘daddy-o’. Het meest bekende fragment uit de song is ongetwijfeld ‘Why is everbody always pickin’ on me?’ Zo krijg je de indruk dat het over zo’n loser als het strippersonage gaat. Maar de ene Charlie zou niets met de andere te maken hebben. Volgens Jerry Leiber was het gewoon een naam die door zijn hoofd schoot als rijm op ‘he’s a clown’. Let wel, de strip verscheen voor het eerst in 1950, bijna tien jaar voor de song geschreven werd. Het zou dus best kunnen dat die in het onderbewustzijn van de songwriter rondspartelde. Op het album Mylo Xyloto van Coldplay staat ook een track die Charlie Brown heet. Ook van die song wordt gedacht dat hij allusie maakt op de tekeningen van Schultz, maar drummer Will Champion zei in een interview met Q Magazine dat het ook gewoon zomaar een naam was.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

 

12-02-18

Maandag 12 februari 2018

Stumblin’ In

Suzi Quatro & Chris Norman

 

HIJ EN ZIJ, OF ANDERSOM

Vandaag in 1979 stonden Suzi Quatro & Chris Norman op de derde plaats in de BRT Top-30 met Stumblin’ In. Goed dat Dirk Stoops deze plaat onlangs uit de vergetelheid haalde. In de drie maanden dat de twee in de lijst stonden, hielden ze het veertien dagen uit op deze piekpositie. Al die tijd was YMCA van Village People de nummer 1.

JukeSuzi2.jpgJukeSuzi3.jpgDe single verscheen met verschillende hoezen. Soms stond de naam van de zanger voorop, soms de naam van de zangeres. Dat wij de voorkeur geven aan Suzi Quatro & Chris Norman heeft niets met etiquette te maken. De song was immers een track uit het eind 1978 uitgebrachte album If You Knew Suzi… van Suzi Quatro en Chris Norman was gewoon te gast op dat ene nummer.

 

JukeSuzi1.jpgJukeSuzi4.jpgStumblin’ In werd geschreven door Mike Chapman en Nicky Chinn, die in die tijd aan de lopende band hits penden voor tal van artiesten. Er bestaan covers van Hongarije tot Zuid-Afrika, maar de meeste bekende versies stammen uit datzelfde laatste jaar van de seventies. Het gaat om het Duitse Schau Mal Herein van Marian Maerz en Bernd Clüver (Der Junge Mit Der Mundharmonika) en de Franse uitvoering Et Je Suis À Toi door het Italiaanse duo en toenmalige echtpaar Al Bano & Romina Power.

O ja, die Chris Norman was de zanger van Smokie, ook een groep uit de stal van Chinn & Chapman, die halfweg de jaren zeventig scoorde met Living Next Door To Alice en Lay Back In The Arms Of Someone. In 1979 haalde Smokie ook nog de BRT Top-30 en wel met Mexican Girl. Hoewel de band vandaag nog altijd optreedt, was dat hun laatste hit. In 1986 nam de solocarrière van Chris Norman een hoge vlucht. Hij had in half Europa een hit met Midnight Lady. In Duitsland stond die single liefst zes weken op nummer 1. Het kan dus niet verwonderen dat als hij vandaag nog optreedt en platen maakt dat vaak in Duitsland is. In 2009 verscheen nog The Hits! Tour , een live album, opgenomen in de Tempodrom in Berlijn.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

11-02-18

Zondag 11 februari 2018

Big In Japan

Alphaville

 

DE MAN VAN CHINA EN JAPAN *

Vandaag is het de ‘Stichting van Japan Dag’, een van de vijftien officiële feestdagen in het land van de rijzende zon. Artiesten die in hun directe omgeving niet van de grond geraken, maar succes hebben aan de andere kant van de wereld zijn ‘big in Japan’. Het is in deze betekenis dat Tom Waits op het album Mule Variatons uitroept dat hij groot is in Japan. ‘I got the style but not the grace, I got the clothes but not the face’ klinkt het in Big In Japan. Ja, Waits heeft ook een song de zo heet.

JukeJapan.jpgOnduidelijk lijkt het verband tussen de geijkte uitdrukking en het nummer Big In Japan van de Duitse synthpopgroep Alphaville. Volgens zanger Marian Gold gaat het trouwens over een koppel dat wil afkicken van de heroïne. Hij kwam op het idee voor het refrein met de zin ‘Things are easy when you’re big in Japan’ nadat hij in Berlijn een album had gekocht van een Brise indieband die Big In Japan heette. De zanger van die groep was niemand minder dan Holly Johnson, later de centrale figuur in Frankie Goes To Hollywood. Nu wil het toch wel lukken zeker dat die groep begin 1984 in menig Europees land met Relax op nummer 1 stond en op die plaats opgevolgd werd door… Alphaville.

In het boek ‘Reis om de wereld in 80 hits’ vermelden Pieter Steinz en Bernard Hulsman een aantal Japan-platen. Daarbij zijn Osaka van The Shoes en Japanese Lovesong van Ten Sharp, allebei Nederlandse bands. In 1963 scoorde Kyu Sakamoto een onwaarschijnlijk hit in de Lage Landen met het volledig in het Japans gezongen Sukiyaki. Tony Vos bracht later het nummer in het Nederlands onder de titel In Yokohama.

Waarom David Sylvian zijn groep Japan noemde, is altijd duister gebleven. Uit nummers als Visions Of China en Cantonese Boy zou je kunnen afleiden dat hij meer interesse had voor China.

 

*De titel van deze bijdrage is een fragment uit de tekst van het kinderliedje Zeg, ken jij de mosselman. Het Engelse origineel gaat als volgt: ‘Do you know the Muffin Man who lives on Drury Lane’.

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

10-02-18

Zaterdag 10 februari 2018

Sultans Of Swing

Dire Straits

 

SWINGEND

 

Op deze dag in 1979 bracht Dire Staits de single Sultans Of Swing opnieuw uit. Pas toen werd het een wereldwijde hit. Vraag ons niet waarom, maar het lukte niet bij de eerste editie in mei van het jaar daarvoor. Zo raar kan het soms lopen.

jUKEdIRE.jpgIk heb het hier al eens aangehaald, ik heb het eerste concert van Dire Straits in België gezien. Vaak gelooft men mij niet als ik het vertel, maar het was in… het cultureel centrum van Beringen. De toenmalige directeur van die instelling belde me op met de mededeling dat hij op korte termijn een nieuw Brits bandje kon boeken. Hij vroeg of ik al ooit gehoord had van Dire Straits, want hij wist er verder niets van. En of het een goed idee was om die groep in huis te halen? De hoorn viel bijna uit mijn hand. Op dat moment draaide hun debuutelpee thuis op ‘heavy rotation’ en de eerste single, Sultans Of Swing, begon zijn opgang in de hitparades. Tegen de avond van het concert was de song zo’n grote hit dat het een overrompeling werd. Zo’n zevenhonderd mensen hadden een plaatsje in de zaal kunnen bemachtigen. Buiten stond nog eens zoveel volk.

Mark Knopfler schreef Sultans Of Swing nadat hij in een club in Ipswich hoorde hoe het allesbehalve swingend spelende huisorkest het optreden voor een publiek van twee dronkaards en een paardenkop beëindigde met de onbedoeld ironische afkondiging: “Goodnight and thank you. We are the Sultans of Swing.” Hij heeft ooit gezegd: “They absolute weren’t. You know, they were rather tired blokes in pullovers.”

In de tekst vallen twee namen: Guitar George en Harry. Hoewel Knopfler daar nooit uitleg over heeft gegeven, beweren tal van bronnen dat dit een verwijzing is naar George Young en Harry Vanda van The Easybeats, een Australische formatie die in de sixties enkele hits had, waaronder Friday On My Mind. Samen vormden ze later Flash and the Pan, een groep die hier vooral bekend is van Hey, St Peter. George Young was de broer van Malcolm Young en Angus Young van AC/DC. George en Malcolm Young zijn vorig jaar overleden, nauwelijks een maand na mekaar.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

Tellen jullie mee af? Dit weekend halen we de 100.000 hits. Niet in de zin van plaatjes die de hitparade halen, maar wel het aantal keren dat iemand hier een stukje aanklikt. Ben jij de lezer die het getal rond maakt? Maak dan een screenshot of een foto met je smartphone, stuur me dat beeld en je wint een cd. Ik kies welke, maar jij mag kiezen in welk genre. Faire deal, niet? Zo hebben we er allebei plezier aan en is het - in tegenstelling tot het gemiddelde kerstcadeautje - toch een verrassing.