04-02-18

Zondag 4 februari 2018

Nobody But Me

The Human Beinz

 

NEE, NEE EN NOG EENS NEE

Gisteren hebben we hier al aangehaald dat Green Tambourine van The Lemon Pïpers vijftig jaar geleden op nummer 1 stond in de Amerikaanse hitparade. De top-10 van toen was een interessante lijst, hoor. En heel verscheiden. Met Chain Of Fools van Aretha Franklin, Spooky van The Classics IV en, enigszins verrassend misschien, Love Is Blue van Paul Mauriat and His Orchestra, een instrumentale versie van L’Amour Est Bleu, het liedje dat Vicky Leandros in 1967 voor Luxemburg zong op het Eurovisiesongfestival.

jukenobody.jpgEn daartussen stond ook een song die we vandaag tot de eerste garagerock rekenen: Nobody But Me van The Human Beinz. Dat wordt beschouwd als een one hit wonder, hoewel de band al een beetje succes had met een cover van Gloria van Them en The Pied Piper opnam voor het een hit werd voor Crispian St. Peters.

Ook Nobody But Me was een cover. Het origineel was van The Isley Brothers uit 1963. De tekst werd wel enigszins aangepast. Waar de Isleys dansen uit het begin van de jaren zestig opsomden, zoals de twist en de mash, had The Human Beinz het over dansjes op het einde van de sixties, zoals de boogaloo. Eigenlijk gebruikte de groep alleen het slotrefrein van het origineel. Ze hoopten ongetwijfeld een record te vestigen door 31 keer na mekaar het woord ‘no’ te gebruiken. Maar toen dat eens werd nageteld, bleek dat The Isley Brothers het zelfs 34 keer had herhaald.

 

 

 

 

03-02-18

Zaterdag 3 februari 2018

Green Tambourine

The Lemon Pipers

 

JukeGreen.jpgTAMBOERIJN

Het is vandaag vijftig jaar geleden dat Green Tambourine van The Lemon Pipers op de eerste plaats in de Amerikaanse hitparade stond. Er werden meer dan een miljoen exemplaren verkocht van de single die de geschiedenis in gaat als het eerste grote succes in het ‘bubblegum’-genre. Bekende namen in het wereldje van die simpele tienerpop waren 1910 Fruitgum Company (Simon Says) en The Ohio Express (Yummy Yummy Yummy). Dit was toch net iets anders. Het was de tijd dat er duchtig werd geëxperimenteerd met opnametechnieken. Dat blijkt duidelijk uit de echo-effecten op Green Tambourine. Maar ook nieuwe instrumenten deden hun intrede. Zo maakten The Lemon Pipers gebruik van een sitar, in die dagen onvermijdelijk als je een psychedelische sound wou opwekken. George Harrison had het fenomeen gelanceerd toen hij zo’n Indisch traditioneel snaarinstrument had gevonden tussen de rekwisieten voor de film ‘Help!’. Hij leerde het ding bespelen in lessen van grootmeester Ravi Shankar, de in 2012 overleden vader van Norah Jones. Zo komt het dat Norwegian Wood uit de Beatlesplaat Rubber Soul geldt als eerste popplaat met een sitar. Eigenlijk hadden The Yardbirds het instrument al eerder gebruikt voor Heart Full Of Soul, maar die versie haalde de platenwinkel niet. Op de uiteindelijke single horen we hoe Jeff Beck een sitarachtig geluid uit zijn elektrische gitaar haalt.

Hoewel Bob Dylan het altijd heeft ontkend, leeft de veronderstelling dat Mr. Tambourine Man over een drugsdealer gaat. Je zou dus kunnen denken dat we hier in dezelfde coffeeshop zijn beland. Toch baseerde tekstschrijver Shelley Pinz zich op een krantenartikel over een straatmuzikant die alleen maar met een tamboerijn zwaaide. De muziek was van Paul Leka, de man die ook Na Na Hey Hey Kiss Him Goodbye schreef, een nummer waarover veel te vertellen valt, wat ik dan ook heb gedaan op 12 oktober 2016. Blader maar eens terug.

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

02-02-18

Vrijdag 2 februari 2018

The Way We Were

Barbra Streisand

 

BLIJVENDE HERINNERINGEN

Op deze dag in 1974 bereikte Barbra Streisand de eerste plaats in de Amerikaanse hitparade met The Way We Were, het themalied uit de gelijknamige film van Sydney Pollack, waarin ze naast Robert Redford speelde. Ik heb heel persoonlijke, zeg maar ronduit sentimentele, herinneringen aan die song en die prent. Het was mijn eerste bioscoopbezoek in het gezelschap van de vrouw met wie ik vandaag nog altijd samenleef. Ik weet het nog als de dag van gisteren. Op de filmaffiche stond kennelijk niet voor niets ‘Some memories last forever’.

JukeWay.jpgThe Way We Were werd bedacht met een Oscar en een Grammy. Zelfs muziekrecensent Jon Landau prees de song in het magazine Rolling Stone en hij was toch de man van de legendarische woorden ‘I saw rock ’n roll’s future and his name is Bruce Springsteen’.

De tekst van The Way We Were werd geschreven door Alan Bergman en Marilyn Keith, een echtpaar dat onder meer The Windmills Of Your Mind en You Don’t Bring Me Flowers uit de pen liet vloeien. De muziek was van Marvin Hamlisch, een onder prijzen bedolven componist van soundtracks als die van ‘A Chorus Line’, ‘Sophie’s Choice’ en de Bondfilm ‘The Spy Who Loved Me’. Hij leefde zich uit in ragtime voor ‘The Sting’ en raakte zelf in de hitparade als de pianist van een op single uitgebrachte song uit die film, The Entertainer.

In januari 1974 verscheen een elpee met de muziek uit ‘The Way We Were’. Ongeveer tegelijk bracht Barbra Streisand een plaat uit onder dezelfde titel. De filmproducers trokken naar de rechtbank en zij werd verplicht een nieuwe titel te kiezen. Geloof het of niet, maar dat werd Barbra Streisand Featuring ‘The Way We Were’ And ‘All In Love Is Fair’. Ondanks die verschrikkelijke mond vol werd het een nummer 1 in de Amerikaanse albumlijst. Er werden meer dan twee miljoen exemplaren van verkocht. Veel meer dan van de originele soundtrack.

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

01-02-18

Donderdag 1 februari 2018

Somethin’ Stupid

Nancy & Frank Sinatra

 

VADER EN DOCHTER JukeStupid.jpg

Op deze dag in 1967 namen Frank Sinatra en Nancy Sinatra in Los Angeles het nummer Somethin’ Stupid op. Ik weet niet waarom, maar al als jonge tiener vond ik dat een aanstekelijk liedje. De song werd geschreven door Carson Parks. Dat is de broer van de – in mijn ogen – legendarische Van Dyke Parks, van wie ik niet wil tellen op welke albums in mijn kast hij allemaal meespeelt.

Carson Parks zette Somethin’ Stupid zelf op plaat met het duo Carson & Gaile. Toen iemand dat aan Frank Sinatra liet horen, wou hij het wel opnemen met zijn dochter, althans als zij dat zelf wilde. Zij wou, maar alleen als Lee Hazlewood de producer zou zijn. En zo geschiedde.

Voor de opnames werden gerenommeerde studiomuzikanten ingehuurd, onder wie Glen Campbell, die toen nog geen solocarrière had uitgebouwd. Opmerkelijk is dat sessiegitarist Al Casey werd gevraagd. Hij speelde ook op het origineel van Carson & Gaile.

In interviews heeft Nancy Sinatra herhaaldelijk verteld dat haar vader tijdens de opnames de clown speelde. De eerste versies gingen de prullenmand in omdat hij zong met de stem van het tekenfilmfiguurtje Daffy Duck en zij daarbij in de lach schoot.

Eigenlijk is het een liefdesliedje en de platenbazen vreesden voor negatieve reacties als vader en dochter dat zongen. Frank Sinatra zette echter door. Hij wedde zelfs tegen de directeur van Reprise Records en het geld van de verliezer hangt nog altijd ingekaderd bij Nancy Sinatra aan de muur. Want het werd natuurlijk wel een grote hit. Vier weken op nummer 1 in de V.S. en ook in Europa overal hoog in de lijsten. In België en Nederland piekte de single op 2.

De Canadese crooner Michael Bublé nam het nummer op met de actrice Reese Witherspoon, Ali Campbell van UB40 zette het met zijn dochter Kibibi op plaat. De meest bekende cover is echter die van Robbie Williams en Nicole Kidman, wereldwijd een succes in 2001.

De single verscheen in hoezen met de namen in verschillende volgorde. Nu was het eens Nancy en Frank, dan weer eens Frank en Nancy. In elk geval werd het de eerste Amerikaanse nummer 1 van een vader en zijn dochter. Pas in 2003 werd dat record geëvenaard door Changes van Ozzy & Kelly Osbourne, maar daar gaan we het niet over hebben, hé.

 Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

 

31-01-18

Woensdag 31 januari 2018

Bend Me, Shape Me

The American Breed

 

ZIJ DOET HET LICHT AAN

Vandaag vijftig jaar geleden kreeg The American Breed in de V.S. een gouden plaat voor Bend Me, Shape Me. Met de prachtige zin ‘You got the power to turn on the light.’ Nog datzelfde jaar 1968 werd het, met wat tekstveranderingen, in Europa een grote hit voor de Britse band Amen Corner en het is die versie die ik als jonge tiener leerde kende. Nog altijd is mijn respect groot voor Andy Fairweather Low, een side kick van Eric Clapton, die toen de zanger was van Amen Corner en één van mijn favorieten aller tijden afleverde: (If Paradise Is) Half As Nice.

JukeBreed.jpgDe allereerste versie van Bend Me, Shape Me staat op de kerfstok van Shape, een groep met alleen maar vrouwen, maar meestal wordt het origineel toegeschreven aan The Outsiders, vooral bekend van Time Won’t Let Me.

Het nummer werd geschreven door Scott English en Larry Weiss. Om die heren te plaatsen: de eerste schreef Mandy van Barry Manilow en de tweede Rhinestone Cowboy van Glen Campbell. Als referenties kan dat tellen.

Dat Bend Me, Shape Me in het collectief geheugen is blijven hangen, heeft waarschijnlijk ook te maken met het feit dat het tal van keren is gebruikt in televisiereclame. Van Coca-Cola over American Airlines tot Mercedes.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be