02-11-17

Donderdag 2 november 2017

Keep The Customer Satisfied

Simon & Garfunkel

 

MET HEIMWEE

Op deze dag in 1969 namen Paul Simon en Art Garfunkel vier nummers op voor hun succesalbum Bridge Over Troubled Water. Naast Baby Driver, Cecilia en El Condor Pasa was dat Keep The Customer Satisfied, wat de B-kant van de single Bridge Over Troubled Water zou worden.

JukeCust.jpgDe muziek klinkt veel vrolijker dan de tekst. ‘Gee, it’s great to be back home’, begint het. ‘I’ve been on the road so long my friend and you came along.’ Paul Simon was de slopende tournees moe. In de laatste regel zegt hij het letterlijk: ‘And I’m so tired, I’m oh so tired, but I’m trying to keep my customers satisfied.’ In tegenstelling tot de titel zingt hij duidelijk niet ‘the customer’, maar ‘my customers’.

Enkele jaren eerder had Paul Simon hetzelfde heimweethema al eens aangesneden in Homeward Bound, een track van het album Sounds Of Silence uit 1966. ‘I’m sitting in the railway station (…) on a tour of one-night stands, my suitcase and guitar in hand.’ En op zo’n tournee ‘each towns looks the same to me.’ Hij verlangt naar ‘Home, where my thought’s escaping, home where my music’s playing, home where my love lies waiting silently for me.’ Zoals hij in de eerste zin verklapt, schreef Paul Simon die song echt in een station. Zelf heeft eens in een interview gezegd dat het in Liverpool was, maar er zijn meer treinhaltes die de eer opeisen. In Runcorn (Cheshire) beweert zelfs een gedenkplaat tegen de muur dat hij het daar pende. De meeste bronnen vermelden echter Wigan, wat niet zo gek ver van Liverpool ligt. Daar had hij opgetreden en hij wou naar Brentwood (Essex), waar hij in die tijd woonde. Maar er waren nogal wat vertraging die avond. Hij had het letterlijk over naar huis, naar zijn bed willen, maar ook figuurlijk over teruggaan naar de V.S.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

01-11-17

Woensdag 1 november 2017

November Rain

Guns N’ Roses

 

ALS HET REGENT IN NOVEMBER

November inspireert nogal. Ik kan geen wetenschappelijk bewijs voorleggen, maar ik ben ervan overtuigd dat geen andere maand zo vaak wordt vermeld in pop en rocksongs. Regina Spektor, een Amerikaanse singer-songwriter met Russische roots, had in 2006 een radiothitje met On The Radio. Daarin vertelt ze het verhaal van een dj die tijdens nachtuitzendingen in slaap sukkelt, zodat November Rain twee keer na mekaar wordt gedraaid. Ze vermeldt de uitvoerders van de song niet, maar het mag duidelijk zijn dat het om de ‘power ballad’ November Rain van Guns N’Roses gaat. Dat blijkt onder meer uit de opmerking ‘That solo’s awful long’. Mensen die het hebben uitgerekend, beweren dat het werkstuk van Slash de langste gitaarsolo aller tijden op een Amerikaanse top-10-single is. Ook als geheel was het nummer uitzonderlijk lang, bijna negen minuten. De allereerste versie zou zelfs 25 minuten hebben geduurd. Volgens Regina Spektor bevat de song ook een ‘good refrain’. Dat zullen we voor haar rekening laten.

JukeRain.jpgNovember Rain werd geschreven door zanger Axl Rose. Hij liep er jaren mee in zijn hoofd. Overal waar hij een piano zag staan, ook in hotelbars, speelde hij het. “Ooit wordt het een sterk nummer”, zei hij. Toen het uiteindelijk in 1991 op plaat werd gezet, zong Shannon Hoon mee in het achtergrondkoortje. Deze goede vriend van Axl Rose was de frontman van Blind Melon. Gek genoeg heette de grootste hit van die groep No Rain.

Voor de tekst vond Axl Rose inspiratie bij een andere vriend: Del James. Hij putte uit het kortverhaal ‘Without You’ dat die schrijver opnam in ‘The Language Of Fear’, een bundeling van horrorvertellingen. Del James werkte ook mee aan de indrukwekkende video van November Rain. Met een budget van 1,5 miljoen dollar is het een van de duurste clips aller tijden, maar hij werd zo vaak op MTV vertoond dat hij zeker heeft bijgedragen tot het succes van de song in het bijzonder en van Guns N’Roses in het algemeen. De hoofdrol was voor model Stephanie Seymour, indertijd het lief van Axl Rose.  

 

Welkom aan de lezers die hier zijn terechtgekomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

31-10-17

Dinsdag 31 oktober 2017

Bad Case Of Loving You

Moon Martin

 

OVER DE MAAN

Toen ik het op 26 september, bij de verjaardag van zijn overlijden in 2003, hier over Robert Palmer had, beloofde ik bij gelegenheid iets te schrijven over Moon Martin, de auteur en originele uitvoerder van Palmers hit Bad Case Of Loving You. Die gelegenheid biedt zich nu aan, want Moon Martin wordt vandaag 67.

JukeMoon.jpgIk was een fan van zijn pubrock, van het einde van de jaren zeventig tot begin de jaren tachtig, en heb zijn vier eerste elpees in mijn verzameling zitten. Op vinyl, zeg ik er voor alle duidelijkheid bij, want ze verschenen twintig jaar na datum samen op twee cd’s. Zijn debuut kwam uit in 1978 en heette Shots From A Cold Nightmare. Met zijn te grote bril en zijn Beatleshaar zag hij op de hoesfoto uit als een voorloper van de nerds. Muzikaal werd hij vergeleken met tijdgenoten als Elvis Costello en Nick Lowe, die het overigens wel veel langer hebben volgehouden dan hij. Zijn simpele popsongs gingen er bij mij wel in. De B-kant van Shots From A Cold Nightmare opende met Bad Case Of Loving You, dat dus een jaar later een hit werd in de uitvoering van Robert Palmer. De A-kant sloot af met zijn compositie Cadillac Walk. Vreemd genoeg was die song al een jaar eerder verschenen op Cabretta, de debuutelpee van Mink De Ville, waarop ook Spanish Stroll en Mixed Up, Shook Up Girl stonden. Martins tweede, Escape From The Dominiation, leverde hem zijn eerste eigen hitjes op, al was de dertigste plaats in de Amerikaanse hitparade de hoogste positie voor Rolene. Ik vond het langzame No Chance, dat piekte op 50 in de Billboard Hot 100, echter veel beter. Nadat de elpees Street Fever en Mystery Ticket, waaruit ik vaak nummers draaide in BRT-radioprogramma’s, ondergewaardeerd bleven, verdween Moon Martin halfweg de jaren tachtig uit de muziekwereld. Tien jaar later beleefde hij nog een opflakkering met twee albums die echter ook in de vergeetput zijn beland.

Voor hij aan zijn solocarrière sleutelde, speelde Moon Martin in enkele bandjes, soms zelfs ronduit rockabilly. Ook werd hij ingehuurd als sessiemuzikant, onder meer voor opnames van Del Shannon en Jackie DeShannon. Hij schijnt mee te doen op enkele songs van Gram Parsons die nooit werden uitgebracht. Ik lees hier en daar dat hij ook te horen is op Silk Purse van Linda Ronstadt, maar daar vind ik zijn naam niet terug. Dat is wel het geval met haar elpee Linda Ronstadt uit 1972. Hier verscheen die plaat een paar jaar later onder de titel Linda Ronstadt And Friends, het is de oudste plaat van haar die ik heb, 45 jaar geleden gekocht. Dat waren nogal ‘friends’ die ze rond zich had verzameld, zeg maar de crème van de countryrock die zich toen aan de Amerikaanse westkust ontwikkelde. Ik noem voor de vuist Glenn Frey, Don Henley, Bernie Leadon en Randy Meisner, de originele bezetting van de Eagles. Maar John David Souther was er ook bij, Sneaky Pete Kleinow en Herb Pedersen, drummer Roger Hawkins en achtergrondzangeres Mary Clayton. Van liefst vijftien van die ‘friends’ worden de namen groot afgedrukt op de voorkant van de hoes. En kijk, daar staat hij ook bij, als laatste in het rijtje. Maar toen heette hij nog John Martin. ‘Moon’ was een bijnaam die vrienden hem hadden gegeven omdat hij het in zijn songs zo vaak over de maan had.

 Welkom aan de lezers die hier zijn terechtgekomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

30-10-17

Maandag 30 oktober 2017

White Rabbit

Jefferson Airplane

 

JukeRabbit.jpgVAN HOOGVLIEGER

TOT BUIKLANDING

Vandaag wordt Grace Slick al 78 jaar. Met de familienaam Wing werd ze geboren uit Scandinavische ouders in San Francisco. Haar artiestennaam heeft ze overgehouden van haar eerste huwelijk met Jerry Slick. Met hem en zijn broer Darby Slick speelde ze trouwens in de band The Great Society. En toen ze halfweg de sixties bij Jefferson Airplane aan boord werd genomen, nam ze twee songs van haar vroegere groep mee. Het werden de grootste successen voor Jefferson Airplane: Somebody To Love en White Rabbit, hieronder te zien op Woodstock. Dat laatste nummer had ze zelf geschreven, het andere was van de hand van haar schoonbroer Darby Slick. Het waren allebei exponenten van de tegencultuur die in die dagen aan de Amerikaanse Westkust bloeide. Als je ze vandaag beluistert, wordt duidelijk welke buiklandingen Grace Slick heeft gemaakt met latere projecten als Starship. Op z’n zachtst gezegd, We Built This City of Nothing’s Gonna Stop Us Now waren geen hoogvliegers. Zou die afgang wat te maken hebben gehad met het feit dat ze ondertussen zwaar door de drankduivel werd getreiterd? Herhaaldelijk werd ze danig boven haar theewater gearresteerd en in Duitsland moest eens een concert worden afgeblazen omdat ze te zat was om op het podium te komen.

Een leuke anekdote is dat Grace Slick in 1969 in Het Witte Huis werd uitgenodigd voor een schoolreünie met een van de dochters van Richard Nixon. Ze ging naar de afspraak in het gezelschap van Abbie Hoffman, de anarchistisch activist die tijden het Woodstock-festival het concert van The Who onderbrak met een politieke toespraak. Samen hadden ze het plan opgevat LSD in het drankje van de president te doen. Maar dat ging niet door, want de twee werden herkend door veiligheidsagenten en verwijderd. De uitnodiging, die op haar meisjesnaam Grace Wing was verstuurd, zou nooit de deur zijn uitgegaan als men wist wie die studente ondertussen was geworden.

 

PS / Toen ik het zaterdag over Porter Wagoner had, schreef ik dat ik veel covers van A Satisfied Mind bezat, maar niet zijn origineel. Je zal het niet geloven, maar dezelfde dag is het mij in mijn schoot gevallen. Het staat namelijk op de verzamel-cd die deze maand bij het maandblad Mojo zit.

 

 Welkom aan de lezers die hier zijn terechtgekomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

 

 

29-10-17

Zondag 29 oktober 2017

Midnight Rider

The Allman Brothers Band

 

EEN MOTORONGELUK

KOMT NOOIT ALLEEN

Op deze dag in 1971 kwam Duane Allman om in een verkeersongeval. Op zijn Harley Davidson Sportster reed hij door Macon in Georgia. Hij kon een truck die onverwacht stopte niet ontwijken, kwam onder zijn motor terecht en overleed enkele uren later in het ziekenhuis aan inwendige verwondingen. Hij was 24.

We kennen de gitarist van The Allman Brothers Band, die hij in 1969 oprichtte met onder meer zijn jongere broer Gregg Allman. Toen had hij al naam gemaakt als sessiemuzikant. Lange tijd had hij een voltijdse baan bij de befaamde Fame Studios in Muscle Shoals, Alabama. Hij nam er platen op met pakweg Wilson Pickett, Aretha Franklin, Laura Nyro, Boz Scaggs en Otis Rush. Zo kwam hij onder de aandacht van Eric Clapton die hem uitnodigde om mee te werken aan het album Layla And Other Assorted Love Songs van Derek and the Dominos.

JukeAll.jpgDuane Allman heeft maar aan vier elpees van zijn band meegewerkt. Daar was de bekende live plaat At Filmore East bij. De laatste was Eat A Peach, al verscheen die pas na zijn dood. Op het tweede album van de Allmans stond Midnight Rider. Dat werd een van hun bekendste nummers, ook al werd het nooit als single uitgebracht. De elpeetitel Idlewild South verwees naar het houten optrekje dat ze in de natuur buiten Macon huurden als repetitiekot. Het komen en gaan van muzikanten deed denken aan de New Yorkse luchthaven Idlewild Airport. Vandaar de bijnaam.

Op Midnight Rider wordt de tweede stem gezongen door Berry Oakley, de bassist van de band. Opmerkelijk is dat die een jaar na de dood van Duane Allman ook omkwam in een motorongeluk, ook in Macon.

Na de twee overlijdens bleef de groep gewoon voortbestaan. Er verschenen nog een dozijn albums en met Ramblin’ Man werd nog de grootste hit gescoord. Dat hebben Duane en Berry niet mogen meemaken.

 

Welkom aan de lezers die hier zijn terechtgekomen via www.internetgazet.be