27-03-17

Maandag 27 maart 2017

One Hand Loose

Charlie Feathers

 

JukeSunA.jpgIN DE STUDIO

Vandaag is het 65 jaar geleden dat Sam Phillips het platenlabel Sun Records oprichtte. De gelijknamige studio op Union Avenue in Memphis bestond al twee jaar. Phillips gaat de geschiedenis in als de ontdekker van Elvis Presley, maar ook pakweg Roy Orbison, Jerry Lee Lewis, Carl Perkins en Johnny Cash maakten hier hun eerste plaatjes. Die laatste vier kwamen op 4 december 1956 samen voor een opmerkelijke jamsessie op de inmiddels legendarische locatie. Gewoon voor de lol speelden ze wat nummers die ze allemaal kenden, vaak country en gospelmuziek. Maar een technicus liet wel een band lopen. Er werden enkele foto’s genomen. Presley poseert aan de piano en zijn toenmalige vriendin Marilyn Evans zit op het instrument. Jaren lagen de opnames van die toevallige ontmoeting in de kluis, inmiddels zijn zo’n veertig nummers ervan verschenen, tot op cd toe. Maar in 1981 kocht ik de elpee met de eerste zeventien songs van de sessie, uitgegeven onder de naam Million Dollar Quartet. Om de indruk te wekken dat het om een bootleg ging, werd alleen de aanduiding OMD-001 op de hoes gedrukt en het vinyl gekrast. Aan het eind van I Shall Not Me Moved zegt iemand: “We zouden een kwartet moeten vormen.”

JukeSun.jpgNaast The Sun Collection van Elvis heb ik verder veel Sun-werk in The Sun Box, die drie elpees telt, en The Sun Country Box, die vier cd’s en een prachtig boek bevat. Je komt er minder bekende, maar daarom zeker niet minder interessante namen tegen, zoals Warren Smith, Carl Mann, Billy Riley en Charlie Feathers. Van die laatste staan liefst negen fiftiessongs op de tweede cd van The Sun Country Box. Charlie Feathers begon als sessiemuzikant bij Sun Studios. Hij heeft altijd beweerd dat hij de arrangementen schreef voor That’s All Right en Blue Moon Of Kentucky van Elvis Presley. Zijn naam komt echter maar voor op één Elvisplaatje: I Forgot To Rerember To Forget. Dat was een bedankje omdat hij op verzoek van de songschrijver Stan Kesler een demo van dat nummer had gemaakt. Net als ik is Bob Dylan een Feathers-fan. Hij draaide de rockabillypionier dan ook twee keer in zijn ‘Theme Time Radio Hour’, een keer met Defrost Your Heart en een keer met One Hand Loose, dat ook bestaat in een flauw afkooksel van Stray Cats.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

 

 

26-03-17

Zondag 26 maart 2017

Little Darlin'

The Diamonds

 

VIER GRAPJASSEN

Vandaag zestig jaar geleden hadden The Diamonds een grote hit met Little Darlin’. Het was een Canadees kwartet geslepen stemmen rond leadzanger Dave Somerville. De originele leden zijn inmiddels overleden, maar met de ene personeelswissel na de andere schijnt het vocaal gezelschap nog altijd op te treden, vooral in Las Vegas. Er is zelfs een periode geweest dat er twee groepen onder de naam The Diamonds rondtoerden. Dat dispuut is inmiddels door een rechtbank beslecht.

JukeLittle.jpgDe eerste single van The Diamonds was Black Denim Trousers And Motorcycle Boots, een compositie van Jerry Leiber en Mike Stoller, later een grote hit geworden door Edith Piaf onder de titel L’Homme À La Moto. Opvallend genoeg was het dit Franse plaatje dat het Amerikaanse schrijversduo voor het eerst veel geld opleverde. Ze vierden het met een bootreis naar Europa.

Voor The Diamonds bracht de man op de motor geen bijval. Het duurde nog een jaartje voor ze de Amerikaanse hitparade haalden met Why Do Fools Fall In Love, oorspronkelijk van Frankie Lymon and The Teenagers. Het grootste succes boekten ze echter in 1957 met Little Darlin’. Die song werd geschreven door Maurice Williams, je weet wel die van The Zodiacs, bekend van Stay, door Jackson Browne in The Load-Out verwerkt. Voor Williams’ groep The Zodias heette, was herhaaldelijk van naam veranderd: The Royal Charms, The Excellos en The Gladiolas. Het is onder die laatste naam dat zij het origineel van Little Darlin’ opnamen. Maar de versie van The Diamonds sloeg meer aan. Misschien had dat wel te maken met het feit dat ze tijdens televisieoptredens graag de grapjassen uithingen. Soms wekten ze de indruk zichzelf te parodiëren en de draak te steken met hun doowopstijl, zoals hieronder te zien is als Ted Kowalski zijn zakdoek op het hoofd bindt om zijn vrouwenstem op te zetten.

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

25-03-17

Zaterdag 25 maart 2017

Ballad of John and Yoko

The Beatles

 

TUSSEN DE LAKENS

Op deze dag in 1969, vijf dagen nadat ze in Gibraltar waren getrouwd, stapten John Lennon en Yoko Ono samen in bed in kamer 702 van het Hiltonhotel in Amsterdam. Voor de camera’s van de wereldpers bleven ze een week lang tussen de lakens liggen. De zogenoemde ‘Bed-In’ was een innovatieve vorm van protestactie tegen de oorlog in het algemeen en het Vietnamconflict in het bijzonder. ‘We’re only trying to get us some peace’, was Lennons omschrijving van deze ‘bed-oging’ in Ballad Of John And Yoko. Dat nummer, dat trouwens allesbehalve een ballade is, schetst waarheidsgetrouw de wittebroodsweken van het koppel in Spanje, Frankrijk, Nederland en Oostenrijk.

JukeYoko.jpgJohn Lennon heeft de song geschreven, maar zoals dat bij The Beatles de gewoonte was, werden de auteursrechten gedeeld met Paul McCartney. Die twee hebben de single halsoverkop met z’n tweetjes ingeblikt omdat George Harrison en Ringo Starr in het buitenland verbleven. John zong en bespeelde verschillende gitaren tijdens de opnames die in het totaal maar negen uur duurden. Paul nam de ‘harmony vocals’, de bas, de piano en het slagwerk voor zijn rekening. Dat ze zich samen amuseerden, blijkt uit conversaties die op band zijn teruggevonden en die door de Britse journalist Barry Miles werden aangehaald in zijn boek ‘Paul McCartney: Many Years From Now’. Op een gegeven moment grapte Lennon tegen Macca, die aan de drums zat: “Go a bit faster, Ringo.” De gelegenheidstrommelaar reageerde gevat: “OK, George!”.

In het refrein klaagt John Lennon over het onbegrip dat hem die dagen te beurt valt en de manier waarop hij telkens weer wordt neergesabeld. ‘Christ, you know it ain’t easy (…) They’re gonna crucify me’. En inderdaad, hij werd aan het kruis genageld. Omdat ze zijn woorden als heiligschennis interpreteerden, weigerden de BBC en talrijke Amerikaanse radiozenders het plaatje te draaien. Toch werd het in veel landen een nummer 1. Maar het was wel het laatste grote succes van de Fab Four. Want toen ging het al lang niet meer goed in dat groepje. De hoesfoto, waarop elke Beatle een andere kant op kijkt, spreekt boekdelen.

YouTube barst van de vaak lamentabele covers van Ballad Of John And Yoko, maar van het origineel wordt maar een half minuutje prijsgegeven.

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be

 

 

24-03-17

Vrijdag 24 maart 2017

G.I. Blues

Elvis Presley

 

JukeGI.jpgPIOT PRESLEY

Vandaag 59 jaar geleden biedt Elvis Presley zich om 6.35 uur ’s morgens aan op het kantoor van de Local Draft Board 86 in Memphis. Hij had zich al eerder moeten melden voor militaire dienst, maar had uitstel gekregen om de film ‘King Creole’ af te werken. Hij is vergezeld van zijn ouders en zijn goede vriend Lamar Fike. Eenmaal het paperassenwerk achter de rug gaat het met een dozijn andere rekruten in een bus naar het Kennedy Veterans Memorial Hospital. Voor de camera’s van de verzamelde pers wordt hij in zijn onderbroek gemeten en gewogen. Hij krijgt een militaire coupe geschoren en is van dan soldaat 53 310 761. De diensttijd van Presley duurt twee jaar. Na zijn opleiding in Fort Hood in Texas wordt hij van september 1958 tot 2 maart 1960 overgeplaatst naar de 3rd Armored Division in het Duitse Friedberg. ‘s Nachts verblijft hij niet in de kazerne, hij logeert in Hotel Grunewald in Bad Nauheim. Nooit keerde hij naar Europa terug voor een concert.

In tegenstelling tot wat velen hadden verwacht, maakte de legerdienst van Presley geen einde aan zijn carrière. Toch zijn er muziekliefhebbers die zijn werk van later minder hoog inschatten. Ik behoor een beetje tot die categorie, hoewel ik Good Luck Charm en Return To Sender uit 1962 nog best kan pruimen. Ik ben zowat even oud als de eerste platen van Presley. Wat ik van hem in huis heb, is dus veel later gekocht. Maar dat werk – waaronder enkele collectors items – dateert allemaal uit de fifties. Mijn voorkeur gaat uit naar zijn Sun-periode en de minder bij een breed publiek bekende RCA-producties, zoals Paralyzed, Too Much en mijn favoriet Lawdy, Miss Clawdy. En dan is er – bijna tien jaar jonger – nog Wooden Heart. Noem het mijn ‘guilty Presley pleasure’. Het nummer is gebaseerd op een Duits volksliedje en wordt gedeeltelijke in het Zwabische dialect gezongen: ‘Muss i’ denn zum Städtele hinaus’. Omwille van de Duitse zinnen, gezien het uit de film ‘G.I. Blues’ komt, hij het in een legerpakje zingt en omdat het in oorsprong een vaak door soldaten gezongen afscheidslied is, doet dat nummer me het meest denken aan Elvis’ militaire dienst. Maar er is natuurlijk ook het net zo goed in een uniform gefilmde G.I. Blues, de laatste track op de A-kant van de gelijknamige elpee.

 

23-03-17

Donderdag 23 maart 2017

Geef Mij Nog Een Kans

Marva

 

JUkeMarva.jpgHERINNERINGEN

Ze zal zich ongetwijfeld Oempalapapero voelen. Vandaag wordt Marva 74. Marva is haar echte voornaam, Mollet is haar familienaam. Riet Muylaert, die nu met haar band Jackobond een hommage aan de zangeres brengt, herinnert zich nog hoe haar moeder met haar liedjes meezong en door de living danste. “Ik zag hoe gelukkig Marva mijn moeder maakte. Stilletjes heeft Marva zich in mij genesteld.” Ik heb – om het met een songtitel van haar te zeggen – ook zulke Herinneringen. Het programma van Jackobond heet ‘Rode Rozen In De Sneeuw’, naar Marva’s grote hit uit 1975, die in 2006 opnieuw een succes werd in een mix met Laura Lynn. Maar als ik aan haar denk, zit ik eerder met Een Eiland In Groen En Blauw of Laat Ons Goede Vrienden zijn in mijn hoofd. Die singles dateren allebei van 1967. Haar debuutsingle Geef Mij Nog Een Kans uit 1963 – eigenlijk het B-kantje van Harlekijn – moet thuis veel door de kamer hebben geklonken, want ik kan het nog altijd meezingen. Wie daarbij een monkellachje voelt opkomen, moet er de archieven van Humo’s Pop Poll maar eens op naslaan. Jarenlang stond zij bovenaan in de categorie ‘zangeres binnenland’ van die lezersenquête, van 1968 tot 1973 zelfs ononderbroken. We zien het Selah Sue of Trixie Whitley niet meteen presteren.

Terwijl ze later veelal nummers van Jean Kluger, Rocco Granata en Will Tura’s tekstschrijfster Nelly Byl opnam, was haar eerste single – uitgebracht op haar twintigste – een cover. Hier en daar lees je dat de Franse nummer 1 Donne Moi Ma Chance van Richard Anthony het origineel van Geef Mij Nog Een Kans is. De Nederlandse tekst zou die indruk kunnen wekken. Maar in werkelijkheid is het Too Late To Worry van Burt Bacharach en Hal David, in 1962 al op plaat gezet door de Amerikaanse zangeres Babs Tino. Alleen als ik dat opmerkelijk orgeltje van de intro hoor, leef ik al op.

* Voor deze bijdrage heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de muzieksite van radiomaker Marc Brillouet (www.hitriders.be).

 

Welkom aan de lezers die hier terechtkomen via www.internetgazet.be